Waarom bacalao makkelijk te maken is
De combinatie van zachte vis en een hartige tomatensaus maakt dit gerecht uniek. Het is een klassieker die al generaties lang wordt gegeten. Door de langzame garing trekken alle smaken van de kruiden en groenten goed in de vis. Je kunt bacalao gemakkelijk van tevoren bereiden.
Zo bereid je bacalao
Voorbereiden: Spoel de gezouten vis goed af onder de kraan en laat deze minimaal 24 uur weken in koud water. Ververs het water tijdens het weken een paar keer om het overtollige zout te verwijderen. Snijd de vis daarna in gelijke stukken van enkele centimeters.
Groenten snijden: Schil de aardappelen en snijd deze in dunne plakjes. Snipper de uien en snijd de knoflook fijn voor de basis van de saus. Snijd de rode paprika in reepjes en halveer de zwarte olijven zodat ze klaar zijn voor gebruik.
Bakken: Verhit de olijfolie in een pan en fruit de uien samen met de knoflook aan. Voeg de paprikareepjes toe en bak deze kort mee tot ze zacht worden. Leg de plakjes aardappel in de pan en giet de tomatenblokjes er overheen.
Stoven: Leg de stukken vis bovenop de groenten en voeg de olijven toe aan de pan. Doe de deksel op de pan en laat het geheel ongeveer 30 minuten zachtjes stoven. Serveer de warme vis direct uit de pan.
Belangrijke tips voor bacalao
Het is erg belangrijk om de vis lang genoeg te laten weken voordat je begint. Als je dit niet doet, blijft de bacalao veel te zout om te eten. Ververs het water minstens drie keer voor het beste resultaat. Gebruik een diepe pan met een dikke bodem zodat de warmte gelijkmatig wordt verdeeld.
De aardappelen garen dan rustig in de saus zonder aan te branden. Je kunt eventueel ook wat extra verse peterselie toevoegen vlak voor het opdienen. Dit geeft het gerecht een frisse uitstraling en een lichte kruidige smaak. Serveer de vis met een stukje knapperig brood om de saus op te dippen.
Misschien vind je ook
roggebrood met zaden,
gepaneerde kalfschnitzel of
ham uit de oven leuk.