Waarom limburgse vlaai makkelijk te maken is
Het maken van een echte Limburgse vlaai is een mooie manier om kennis te maken met de Nederlandse bakkunst. De bodem is minder vet dan bij andere taarten waardoor de smaak van het fruit echt naar voren komt. Je kunt eindeloos variëren met verschillende soorten fruitvullingen zoals kersen, abrikozen of pruimen. Het deeg is makkelijk te bewerken en geeft een prachtig rustiek resultaat op de koffietafel.
Zo bereid je limburgse vlaai
Deeg bereiden: Meng de bloem in een grote kom met de gist, suiker en een snufje zout. Voeg de zachte boter, het ei en de lauwe melk toe aan het mengsel. Kneed alle ingrediënten tot een soepel deeg dat niet meer aan je vingers blijft plakken. Dek de kom af met een warme doek en laat het deeg 45 minuten rusten op een tochtvrije plek.
Vorm bekleden: Verwarm de oven voor op 200 graden en vet de vlaaivorm goed in met een beetje boter. Rol het gerezen deeg op een bebloemd werkblad uit tot een cirkel die iets groter is dan de vorm. Leg de deeglap voorzichtig in de vlaaivorm en druk de randen stevig aan. Snijd het deeg dat over de rand hangt netjes weg met een mesje.
Vulling plaatsen: Prik met een vork gaatjes in de bodem en strooi het paneermeel gelijkmatig over het deeg. Laat de kersen goed uitlekken in een zeef zodat er niet te veel vocht meekomt. Verdeel de kersen over de bodem van de Limburgse vlaai zodat alles bedekt is. Je kunt eventueel van de restjes deeg dunne reepjes snijden en deze in een ruitpatroon over de kersen leggen.
Bakken en serveren: Plaats de vlaai in het midden van de voorverwarmde oven en bak deze in ongeveer 25 minuten goudbruin. Haal de taart uit de oven en laat hem minimaal tien minuten in de vorm rusten. Verwijder daarna de rand van de vorm en laat de taart volledig afkoelen op een rooster. Snijd de vlaai in mooie punten en serveer deze direct bij de koffie.
Belangrijke tips voor limburgse vlaai
Gebruik altijd ingrediënten op kamertemperatuur zodat de gist zijn werk goed kan doen tijdens het rijzen van het deeg. Mocht het deeg te plakkerig blijven na het kneden, voeg dan steeds een klein beetje extra bloem toe. Het paneermeel op de bodem is essentieel omdat het de sappen van de kersen opvangt tijdens het bakken. Zo blijft de bodem van de Limburgse vlaai lekker stevig en wordt deze niet zompig.
Voor een extra glans kun je de deegranden voor het bakken bestrijken met een losgeklopt ei of wat melk. Als je geen verse kersen hebt, zijn kersen uit een glazen pot een uitstekend en makkelijk alternatief. Laat de vlaai altijd volledig afkoelen voordat je hem aansnijdt, anders loopt de vulling er sneller uit. Bewaar restjes buiten de koelkast onder een stolp om de zachte structuur te behouden.
Bekijk ook deze recepten:
oliebollen,
hachee of
poffertjes.