Wat goed is aan lamsspiesjes
Deze lamsspiesjes zijn heel makkelijk te maken en vragen weinig voorbereidingstijd. Door de spiesjes kort en heet te bakken blijft het vlees van binnen sappig en krijgt de buitenkant een lekker korstje. Het is een veelzijdig gerecht dat goed past bij een frisse salade of wat couscous. Bovendien kun je de marinade eenvoudig aanpassen naar je eigen smaak met verschillende kruiden.
Zo lukt lamsspiesjes
Voorbereiden: Snijd het lamsvlees in gelijke blokjes van ongeveer twee centimeter. Doe het vlees in een kom en meng het met de olijfolie, geperste knoflook, oregano, komijn, zout en peper. Laat dit minimaal dertig minuten marineren in de koelkast.
Rijgen: Haal het vlees uit de koelkast en spies de blokjes aan de stokjes. Zorg dat de stukjes vlees tegen elkaar aan zitten maar druk ze niet te hard aan. Dit helpt om de lamsspiesjes gelijkmatig te garen.
Bakken: Verhit een grillpan of koekenpan op middelhoog vuur. Leg de spiesjes in de pan en bak ze in ongeveer acht tot tien minuten rondom bruin. Draai ze regelmatig om zodat het vlees niet aanbrandt.
Serveren: Haal de spiesjes uit de pan en besprenkel ze met wat vers citroensap. Laat het vlees twee minuten rusten voordat je het opdient. Serveer de lamsspiesjes warm met een bijgerecht naar keuze.
Meer tips voor lamsspiesjes
Gebruik houten prikkers en leg deze van tevoren minstens dertig minuten in koud water om te voorkomen dat ze verbranden tijdens het bakken. Snijd het vlees in gelijke blokjes zodat alle stukjes op de lamsspiesjes tegelijk gaar zijn. Laat het vlees na het bakken een paar minuten rusten onder aluminiumfolie voor een extra mals resultaat.
Je kunt ook stukjes paprika of rode ui tussen het vlees rijgen voor extra kleur en smaak. De lamsspiesjes smaken ook uitstekend met een zelfgemaakte knoflooksaus of een frisse yoghurtdip. Als je van een sterkere smaak houdt kun je ook een takje verse rozemarijn toevoegen aan de marinade.
Meer ideeën vind je ook hier:
drumsticks uit de oven,
pulled pork burger of
gazpacho.