Wat goed is aan groentekoekjes
Deze groentekoekjes zijn heel veelzijdig en passen bij veel verschillende gerechten. Je hebt maar een paar basisproducten nodig die je vaak al in huis hebt. Het is een slimme methode om kinderen meer groenten te laten eten zonder dat ze het direct doorhebben. Bovendien blijven ze lekker knapperig aan de buitenkant en zacht van binnen.
Zo maak je groentekoekjes
Voorbereiden: Rasp de courgette en de wortel fijn met een handrasp. Strooi een beetje zout over de geraspte courgette en laat dit even staan. Knijp daarna met je handen of een schone doek zoveel mogelijk vocht uit de groenten.
Mengen: Snipper de ui heel fijn en doe dit in een grote kom. Voeg de geraspte wortel, de uitgeknepen courgette, eieren en geraspte kaas toe. Roer de bloem erdoorheen tot er een stevig en plakkerig beslag ontstaat.
Bakken: Verhit de olie in een koekenpan op middelhoog vuur. Schep met een lepel kleine hoopjes van het mengsel in de pan en druk ze een beetje plat. Bak de groentekoekjes ongeveer vier minuten per kant tot ze goudbruin en gaar zijn.
Serveren: Haal de koekjes uit de pan en laat ze kort uitlekken op een bord met keukenpapier. Serveer ze direct terwijl ze nog lekker warm en krokant zijn. Een frisse dipsaus van yoghurt of kwark past hier heel goed bij.
Goede tips voor groentekoekjes
Voor de beste groentekoekjes is het heel belangrijk dat de groenten zo droog mogelijk zijn. Als er te veel vocht in de courgette blijft zitten, worden de koekjes slap in de pan. Je kunt variëren door andere kruiden toe te voegen zoals kerriepoeder voor extra smaak.
Gebruik een goede pan met anti-aanbaklaag zodat het beslag niet blijft plakken. Als je een gezondere versie wilt, kun je ze ook in de oven bakken op een vel bakpapier. Let er dan wel op dat ze iets minder bruin worden dan bij het bakken in olie. Je kunt de koekjes ook prima de volgende dag koud eten tijdens de lunch.
Meer ideeën vind je ook hier:
caesarsalade met garnalen,
indonesische kipschotel of
huisgemaakte pommes frites.